De wettelijke termijn
De aangifte erfbelasting moet binnen 8 maanden na de overlijdensdatum bij de Belastingdienst zijn. De termijn loopt vanaf de dag van overlijden, niet vanaf de uitnodiging tot aangifte die u toegestuurd krijgt.
In de praktijk stuurt de Belastingdienst die uitnodiging meestal binnen 4 maanden. Krijgt u na een half jaar nog niets? Vraag dan zelf het aangifteformulier op, want u blijft zelf verantwoordelijk om binnen de termijn te dienen.
Uitstel aanvragen
U kunt eenmalig uitstel aanvragen voor maximaal 4 extra maanden. Dat doet u via het aanvraagformulier op belastingdienst.nl of schriftelijk. Vraag uitstel aan voordat de oorspronkelijke termijn afloopt en geef een geldige reden, bijvoorbeeld:
- de boedelbeschrijving is nog niet compleet;
- er moet nog een waardering van vastgoed worden opgevraagd;
- er is een geschil tussen erfgenamen dat eerst opgelost moet worden;
- u wacht op gegevens uit het buitenland.
Lees onze uitleg over uitstel aanvragen.
Wat gebeurt er bij te laat indienen
Vanaf 8 maanden na overlijden begint de belastingrente automatisch te lopen, ook als de aanslag pas later komt. Bij ernstige vertraging kan de Belastingdienst een verzuimboete opleggen.
Bewust verkeerde of onvolledige aangifte doen kan worden gezien als belastingontduiking. Dat valt onder een vergrijpboete en in zware gevallen het strafrecht.
Tip: begin direct met de tijdslijn
Veel erfgenamen onderschatten hoeveel tijd het kost om alle banken aan te schrijven, een verklaring van erfrecht te krijgen en de WOZ-waardes te verzamelen. Begin in de eerste maand met een eenvoudige checklist en plan de aangifte rond maand 5 of 6, niet rond maand 8.